vorige pagina

Op het Altaar van de wereld.

Aan de Vredes tafel.

 

Het is zo dat in de natuurlijke scheppingsorde van ons bestaan, een energie werkzaam is dat ‘het leven’ in goede banen leidt. Het is werkzaam aanwezig in materie en levende organismen. En als een lichtende energie in het liefdeleven van mensen waarneembaar. Het is een energie waaraan wij onze vitaliteit ontlenen, wanneer wij ons tot elkaar richten. Als wij ons naar elkaar richten in saamhorigheid, oprechtheid en in liefdes verband, zoals Christus ons daartoe heeft aangespoord.

 

Een werkzame energie, in alle mensen aanwezig. En daardoor kunnen wij elkaar gedogen in voor en tegenspoed, liefde en zorgzaamheid, dat als een bindend samenspel van werkende activiteit, in de praxis van ons leven waarneembaar is. Dat maakt dat wij in gemeenschappelijke verbanden bij elkaar kunnen komen om ons te beraden. Om ons te beraden om goede besluiten te nemen, dat ‘wereldvrede’ ten goede komt.

 

Het ‘dagelijks brood’ dat wij door gezamenlijke arbeid bij elkaar verdienen zal ons ‘sterken’, bij het ‘uitvoeren’ van de opdrachten die wij in ‘gezamenlijkheid’ aan elkaar afsmeken. Om in ‘goedertierenheid’ en ‘volwaardigheid’ de obstakels te slechten, die een goede verhouding tussen mensen in de weg staan, om elkaar te ontmoeten in mededogen en ware menselijkheid.

 

Laten wij, onder de gloed van een eeuwigdurende belofte, elkaar in woord en daad omhelzen, als broeders en zusters die open willen staan voor ieders moment van inspanning. Wanneer wij eerlijk en oprecht aan elkaar de belofte willen geven, en waarmaken, alles te wille doen om “wereldvrede” waar te maken.

 

 Dat wij de belofte willen uitspreken, om ons in te zetten, te willen werken aan een wereld ‘zonder machtsmisbruik’ en gewelddadigheid. Dat we gestalte willen geven aan onze christelijke culturele normen en waarden beginselen, zoals die in onze grondwet verankerd liggen. Om vanuit een eerlijke en geloofwaardige verhouding, vrede met elkaar, te bewerkstelligen in de orde van alle dag.  

 

‘Wij’ allen, maken deel uit van ‘mensheid’, laten ‘wij’ ons in een gezamenlijke opgetogenheid blijven richten op die werkzame energie, die in elk levend wezen aanwezig is, en die niet alleen als levensenergie maar ook als ‘liefdesenergie’, als ‘liefdesvonk’ louterend in ieder van ons zichtbaar kan worden.

 

Laten wij in elkaar die liefdesvonk dat ‘liefdesvuur’ blijven aanwakkeren, door ‘geloof’ en vertrouwen’. Dat dit voedsel zal blijven voor een “Universele Levens Liefdes Werkelijkheid”, waardoor wij met elkaar verbonden blijven, in respect en mededogen.

 

Dat ‘mededogen’ en ‘hulpvaardigheid’ zijn de belangrijkste bouwstenen waarop ‘mensheid’ rust. Daarmee kunnen wij gemeenschap ‘vormen’ en blijven. Waarbinnen onze kinderen zich veilig en zonder onrust, kunnen ontwikkelen, om de mens te worden waartoe zij bedoeld zijn. Laten wij ons wenden tot elkaar, dat ieder van ons in staat zal zijn om ‘samen’ met de ander en allen, in openheid en vertrouwen, vriendschappen te sluiten door het ‘slechten’ van obstakels en meningsverschillen en belemmeringen, die ‘menswording’ in ‘brede zin’ in de weg staan.

 

Vrede zij met ons …. Het zij zo …

 

DE  VREDESWEEK VAN  2021